
zaterdag 31 mei 2008
Groente of fruit?
Een van de mooiste compromissen die er in EU-verband al gesloten is betreft een agrarisch. In Portugal vinden ze wortelconfituur enorm lekker. Op zeker ogenblik werden er in Brussel subsidies verdeeld om de verwerking van fruit te steunen. Daarbij zou Portugal omdat daar vrij weinig om vruchten wordt gegeven een flinke som gelds mislopen, behalve…Juist: behálve als de EU zou beslissen dat wortels fruit zijn. En zulks geschiedde. Officieel is een wortel voor Brussel geen groente meer, maar fruit! Maar ís een wortel fruit? Fruit is altijd de vrucht van een plant, zoals een aardbei. Groente kan ook een ander deel zijn, bijvoorbeeld het blad, de knol, de stengel of de wortel. Maar er zijn ook hier natuurlijk uitzonderingen: tomaten en komkommers zijn ook vruchten, maar die noemen we weer groente. Er is nog een verschil tussen fruit en groente: fruit kan je altijd rauw eten, maar groente niet altijd. Ook aan die definitie beantwoordt de wortel: je kunt die rauw eten….
Een van de mooiste compromissen die er in EU-verband al gesloten is betreft een agrarisch. In Portugal vinden ze wortelconfituur enorm lekker. Op zeker ogenblik werden er in Brussel subsidies verdeeld om de verwerking van fruit te steunen. Daarbij zou Portugal omdat daar vrij weinig om vruchten wordt gegeven een flinke som gelds mislopen, behalve…Juist: behálve als de EU zou beslissen dat wortels fruit zijn. En zulks geschiedde. Officieel is een wortel voor Brussel geen groente meer, maar fruit! Maar ís een wortel fruit? Fruit is altijd de vrucht van een plant, zoals een aardbei. Groente kan ook een ander deel zijn, bijvoorbeeld het blad, de knol, de stengel of de wortel. Maar er zijn ook hier natuurlijk uitzonderingen: tomaten en komkommers zijn ook vruchten, maar die noemen we weer groente. Er is nog een verschil tussen fruit en groente: fruit kan je altijd rauw eten, maar groente niet altijd. Ook aan die definitie beantwoordt de wortel: je kunt die rauw eten….
vrijdag 30 mei 2008
Davids & Jacobs
Toen ik de dichtbundel Sorry dat ik het paard en de hond heb doodgeschoten van Adriaan Jaeggi weer eens ter hand nam viel daar een uitdraai van een mailtje uit. Het was me opgevallen dat hij een motto (bovenstaande tekst uit de strip De valstrik) abusievelijk aan een voetballer toeschreef in plaats van aan de grote Edgar P. Jacobs. Ik had hem ergens anders voor nodig, maar ik kon het niet laten in een ps’je te schrijven: “Waarschijnlijk maakte iemand u daar reeds op attent, maar mag ik er u voor een volgende druk (die ik u van harte gun) van Sorry dat ik het paard en de hond heb doodgeschoten op attenderen dat het bovenste van de motto’s in die bundel uit De valstrik van Edgar P. Jacobs komt? Edgar Davids is een voetballer met een rare bril op.” Zijn antwoord: “U was de eerste. U komt dus de eer toe mij een onaangenaam, zinkend gevoel in mijn maag bezorgd te hebben. Wat een blunder! En een herdruk van Het paard & de Hond zit er vooralsnog niet in. Ik hoop dat ik ooit de kans te krijgen om Edgar P. Jacobs recht te doen. De enige troost is dat Edgar Davids niet meegaat naar het WK.” Hetgeen ik een grappig slot vind.
Toen ik de dichtbundel Sorry dat ik het paard en de hond heb doodgeschoten van Adriaan Jaeggi weer eens ter hand nam viel daar een uitdraai van een mailtje uit. Het was me opgevallen dat hij een motto (bovenstaande tekst uit de strip De valstrik) abusievelijk aan een voetballer toeschreef in plaats van aan de grote Edgar P. Jacobs. Ik had hem ergens anders voor nodig, maar ik kon het niet laten in een ps’je te schrijven: “Waarschijnlijk maakte iemand u daar reeds op attent, maar mag ik er u voor een volgende druk (die ik u van harte gun) van Sorry dat ik het paard en de hond heb doodgeschoten op attenderen dat het bovenste van de motto’s in die bundel uit De valstrik van Edgar P. Jacobs komt? Edgar Davids is een voetballer met een rare bril op.” Zijn antwoord: “U was de eerste. U komt dus de eer toe mij een onaangenaam, zinkend gevoel in mijn maag bezorgd te hebben. Wat een blunder! En een herdruk van Het paard & de Hond zit er vooralsnog niet in. Ik hoop dat ik ooit de kans te krijgen om Edgar P. Jacobs recht te doen. De enige troost is dat Edgar Davids niet meegaat naar het WK.” Hetgeen ik een grappig slot vind.
donderdag 29 mei 2008
Niemand die het weet
Wolter Seuntjens is chasmoloog. Mijn editie van de Dikke Van Dale kent het woord niet. Chasmoloog? Gaapdeskundige! Dat bestáát. Onlangs promoveerde Seuntjens aan de Vrije Universiteit in Amsterdam op het proefschrift On yawning. En pas verscheen zijn boek Gaap! Het grappige is dat iedereen het verschijnsel gapen kent, maar dat er amper serieus onderzoek naar is verricht. Uit wetenschappelijke studies bleek dat het niets te maken heeft met zuurstoftekort, honger of vermoeidheid (want in bed wordt niet gegaapt). Maar waarmee dan wel? Niemand die het weet. Door de eeuwen heen is er wel regelmatig gesteld (onder meer in de Kamasutra, en in Lady Chatterley’s Lover) dat wanneer een vrouw gaapt, zij daarmee vleselijke willigheid vertoont. Maar hoe zit het dan met de mannen? Die gapen toch ook? Zijn zij nooit behept met vleselijke willigheid? In concreto: niemand die het weet. Seuntjens heeft wel andere dingen vastgesteld. Dat álle vissen gapen. Dat álle reptielen gapen. En dat álle zoogdieren gapen, op twee na: slechts bij de walvis en de giraffe is nooit gapen vastgesteld. En dát is dan weer wel een aardig weetje!
Wolter Seuntjens is chasmoloog. Mijn editie van de Dikke Van Dale kent het woord niet. Chasmoloog? Gaapdeskundige! Dat bestáát. Onlangs promoveerde Seuntjens aan de Vrije Universiteit in Amsterdam op het proefschrift On yawning. En pas verscheen zijn boek Gaap! Het grappige is dat iedereen het verschijnsel gapen kent, maar dat er amper serieus onderzoek naar is verricht. Uit wetenschappelijke studies bleek dat het niets te maken heeft met zuurstoftekort, honger of vermoeidheid (want in bed wordt niet gegaapt). Maar waarmee dan wel? Niemand die het weet. Door de eeuwen heen is er wel regelmatig gesteld (onder meer in de Kamasutra, en in Lady Chatterley’s Lover) dat wanneer een vrouw gaapt, zij daarmee vleselijke willigheid vertoont. Maar hoe zit het dan met de mannen? Die gapen toch ook? Zijn zij nooit behept met vleselijke willigheid? In concreto: niemand die het weet. Seuntjens heeft wel andere dingen vastgesteld. Dat álle vissen gapen. Dat álle reptielen gapen. En dat álle zoogdieren gapen, op twee na: slechts bij de walvis en de giraffe is nooit gapen vastgesteld. En dát is dan weer wel een aardig weetje!
woensdag 28 mei 2008
Een onvoorstelbaar standpunt
Ben bezig in In de tegenwoordige tijd – Journaal 1922-1989 van Michel Leiris. En die noteerde op maandag 7 juli 1924: “Muziek staat mij tegen omdat zij nooit aansluit bij de realiteit, ideeën noch voorwerpen in het spel brengt en daardoor het type bij uitstek van de ‘Kunst’ vormt. Het gebruik van muziek is nauwelijks aanbevelenswaardiger dan dat van tabak en verdovende middelen. Muziek kan nooit mysterieus zijn omdat zij volledig buiten de wereld van ons kennen blijft en bijgevolg geen enkele invloed heeft op de conceptie die wij hebben van het universum en van onze persoonlijke lotsbestemming. De schilders die meenden uit hun kunst elk voorstellingselement te moeten uitbannen, verlaagden de schilderkunst tot de rang van de muziek.” Ik was hierdoor verbijsterd. Dat iemand zoiets kán vinden. Werkelijk onbegrijpelijk. Er is poëzie die mij tot tranen toe kan roeren, maar het is vooral de muziek – voor mij toch de hóógste kunstvorm, want in staat zonder aanzien des taals iederéén te raken – die mij kan ontroeren. Zoals de laatste tijd Peter Benoit me met het Agnus Dei uit zijn Requiem 1863 de adem beneemt. Ik kan me echt niet voorstellen zonder muziek te kunnen, zoals deze surrealist blijkbaar kon. Als Alberto Giacometti hem (zie bijgaand portret) een beetje waarheidsgetrouw heeft getekend ging Leiris van zijn muziekloosheid in elk geval niet bepaald vrolijk kijken….
Ben bezig in In de tegenwoordige tijd – Journaal 1922-1989 van Michel Leiris. En die noteerde op maandag 7 juli 1924: “Muziek staat mij tegen omdat zij nooit aansluit bij de realiteit, ideeën noch voorwerpen in het spel brengt en daardoor het type bij uitstek van de ‘Kunst’ vormt. Het gebruik van muziek is nauwelijks aanbevelenswaardiger dan dat van tabak en verdovende middelen. Muziek kan nooit mysterieus zijn omdat zij volledig buiten de wereld van ons kennen blijft en bijgevolg geen enkele invloed heeft op de conceptie die wij hebben van het universum en van onze persoonlijke lotsbestemming. De schilders die meenden uit hun kunst elk voorstellingselement te moeten uitbannen, verlaagden de schilderkunst tot de rang van de muziek.” Ik was hierdoor verbijsterd. Dat iemand zoiets kán vinden. Werkelijk onbegrijpelijk. Er is poëzie die mij tot tranen toe kan roeren, maar het is vooral de muziek – voor mij toch de hóógste kunstvorm, want in staat zonder aanzien des taals iederéén te raken – die mij kan ontroeren. Zoals de laatste tijd Peter Benoit me met het Agnus Dei uit zijn Requiem 1863 de adem beneemt. Ik kan me echt niet voorstellen zonder muziek te kunnen, zoals deze surrealist blijkbaar kon. Als Alberto Giacometti hem (zie bijgaand portret) een beetje waarheidsgetrouw heeft getekend ging Leiris van zijn muziekloosheid in elk geval niet bepaald vrolijk kijken….
dinsdag 27 mei 2008
Hoe alles gebeurt
Een van de interessantste dichters in ons taalgebied is de sympathieke Limburger Frans Budé. Hij is ook trouw aan zijn uitgever, en die is dat aan hem: Meulenhoff publiceerde niet minder dan tien bundels van zijn hand. De eerste was, in 1984, Vlammend marmer. De meest recente is Blauwe rijst (2006). Liefhebbers hoeven voortaan niet langer jaren geduld te oefenen om nieuw werk van hem te mogen savoureren, want ook Frans Budé is met de tijd mee. Hij had al een eigen website, maar hij onderhoudt nu ook een blog: Divers – Poëzie en meer van Frans Budé. Het is een hartverwarmende plaats om te verpozen. In Mijn vele dode vrienden, geschreven bij een schilderij van Marijke Stultiens, brengt hij ons het wezen van de engel nabij. Chimpansee maakte hij bij het gelijknamige doek uit 1955 van Francis Bacon. Hij integreerde een filmpje waarin Jan Wettermann Der Panther van Rainer Maria Rilke leest. Hij getuigt van een bezoek van het graf, in Elsene, van Marcel Broodthaers en maakt tussen neus en lippen melding van nieuwe publicaties in tijdschrift (Hollands Maandblad) of bibliofiele bundel (Hoe alles gebeurt). Ook zijn er vertalingen en eigen foto’s te vinden. Allen derwaarts!
www.fransbude.blogspot.com
Een van de interessantste dichters in ons taalgebied is de sympathieke Limburger Frans Budé. Hij is ook trouw aan zijn uitgever, en die is dat aan hem: Meulenhoff publiceerde niet minder dan tien bundels van zijn hand. De eerste was, in 1984, Vlammend marmer. De meest recente is Blauwe rijst (2006). Liefhebbers hoeven voortaan niet langer jaren geduld te oefenen om nieuw werk van hem te mogen savoureren, want ook Frans Budé is met de tijd mee. Hij had al een eigen website, maar hij onderhoudt nu ook een blog: Divers – Poëzie en meer van Frans Budé. Het is een hartverwarmende plaats om te verpozen. In Mijn vele dode vrienden, geschreven bij een schilderij van Marijke Stultiens, brengt hij ons het wezen van de engel nabij. Chimpansee maakte hij bij het gelijknamige doek uit 1955 van Francis Bacon. Hij integreerde een filmpje waarin Jan Wettermann Der Panther van Rainer Maria Rilke leest. Hij getuigt van een bezoek van het graf, in Elsene, van Marcel Broodthaers en maakt tussen neus en lippen melding van nieuwe publicaties in tijdschrift (Hollands Maandblad) of bibliofiele bundel (Hoe alles gebeurt). Ook zijn er vertalingen en eigen foto’s te vinden. Allen derwaarts!
www.fransbude.blogspot.com
maandag 26 mei 2008
Dé pijp
We waren in Jette, in de Essegemstraat 135/Rue Esseghem 135. Voor een bezoek aan het René Magritte Museum. Dat is gevestigd in de woning waar René en Georgette Magritte woonden van 1930 tot 1954. Tussen 1993 en 1999 werd ze gerestaureerd en als museum ingericht. Liefdevol, beslist. Over vier verdiepingen zijn schilderijen, tekeningen, ontwerpen en parafernalia (zo is er dé pijp, vermaard door Ceci n’est pas une pipe, te bewonderen) van de Grote Surrealist te zien. Min of meer ontluisterend was wel de ontdekking dat de Magrittes bijna een kwart eeuw alleen op de parterre hebben gewoond. Ze huurden het huis ook. Het is nooit van hen geweest. Voorkamer(tje), slaapkamer(tje), eetkamer(tje) en keuken(tje). Geen badkamer (zelfs geen –tje). Dat was wassen aan de pomp. Fascinerend om het raamkozijn te bekijken dat op zoveel van zijn doeken, maar dan met een vervreemdend uitzicht, opduikt. René Magritte verdiende de kost als reclameontwerper. Daartoe had hij achter in de tuin Studio Dongo (waarvoor wij op de foto hieronder te zien zijn). Zijn artistieke werk maakte hij….in de eetkamer. Naast de eettafel stond zijn ezel. Als hij klaar was werd die terzijde geschoven om de tafel te kunnen dekken. Hij maakte op die plek niet minder dan áchthonderd, nu veelal wereldberoemde, doeken!
http://www.magrittemuseum.be/code/nl/index1.htm
We waren in Jette, in de Essegemstraat 135/Rue Esseghem 135. Voor een bezoek aan het René Magritte Museum. Dat is gevestigd in de woning waar René en Georgette Magritte woonden van 1930 tot 1954. Tussen 1993 en 1999 werd ze gerestaureerd en als museum ingericht. Liefdevol, beslist. Over vier verdiepingen zijn schilderijen, tekeningen, ontwerpen en parafernalia (zo is er dé pijp, vermaard door Ceci n’est pas une pipe, te bewonderen) van de Grote Surrealist te zien. Min of meer ontluisterend was wel de ontdekking dat de Magrittes bijna een kwart eeuw alleen op de parterre hebben gewoond. Ze huurden het huis ook. Het is nooit van hen geweest. Voorkamer(tje), slaapkamer(tje), eetkamer(tje) en keuken(tje). Geen badkamer (zelfs geen –tje). Dat was wassen aan de pomp. Fascinerend om het raamkozijn te bekijken dat op zoveel van zijn doeken, maar dan met een vervreemdend uitzicht, opduikt. René Magritte verdiende de kost als reclameontwerper. Daartoe had hij achter in de tuin Studio Dongo (waarvoor wij op de foto hieronder te zien zijn). Zijn artistieke werk maakte hij….in de eetkamer. Naast de eettafel stond zijn ezel. Als hij klaar was werd die terzijde geschoven om de tafel te kunnen dekken. Hij maakte op die plek niet minder dan áchthonderd, nu veelal wereldberoemde, doeken!
http://www.magrittemuseum.be/code/nl/index1.htm
zondag 25 mei 2008
Geen glazen muiltjes
Niet veel mensen weten dat, maar éigenlijk is Assepoester oorspronkelijk een Chinees sprookje. En dat ze bij ons glazen muiltjes draagt komt omdat de Fransman die het verhaal hoorde en voor het eerst aan het papier toevertrouwde een fout maakte. Eigenlijk droeg Assepoester namelijk slippers van eekhoornbont. En pantouffles en vair kun je verstaan als pantouffles en verre! En zo is het gekomen….
Niet veel mensen weten dat, maar éigenlijk is Assepoester oorspronkelijk een Chinees sprookje. En dat ze bij ons glazen muiltjes draagt komt omdat de Fransman die het verhaal hoorde en voor het eerst aan het papier toevertrouwde een fout maakte. Eigenlijk droeg Assepoester namelijk slippers van eekhoornbont. En pantouffles en vair kun je verstaan als pantouffles en verre! En zo is het gekomen….
zaterdag 24 mei 2008
Nachtwerk
“Parbleu,” zei ik hardop toen ik even voor het raam van de woonkamer naar buiten stond te kijken. “Wanneer hebben ze dát dan gedaan?” Een enorm schaakbord lijkt het wel. In een kunstzinnige vorm, dat wel. Het zal verkeersregeltechnisch ook zeker en vast een betekenis hebben. Maar dat je zoiets aan kunt brengen op een van de kruispunten van ’s lands drukste verkeersader zonder dat de bewoners dat in de gaten hebben is een huzarenstukje. Midden in de nacht waarschijnlijk? Toen ik de foto maakte kwam Geertje juist de hoek van de Nationale Bank omgekuierd. En het moge geen verbazing wekken dat de nieuwe situatie me doet denken aan het blog van mijn vriend Ron Scherpenisse:
www.zwartwitteblokjes.blogspot.com
www.zwartwitteblokjes.blogspot.com
vrijdag 23 mei 2008
Moeder en dochter
Bij het woord slurf denkt iedereen automatisch aan olifanten. Maar ook tapirs hebben er een, zij het een kleine. Ze gebruiken die als snorkel als ze zich onder water begeven. Ik vind het een van de vreemdere dieren in de Zoo, de woudkoe. De jongen zijn bruin met witte streepjes, en worden allengs ook grijs met zwart. Het lijken me lieve beesten. Het meest verwonderlijke eraan vind ik het geluid: de tapir klinkt namelijk bijna als een vogel. De woudkoe zingt haar kalf nabij.
Bij het woord slurf denkt iedereen automatisch aan olifanten. Maar ook tapirs hebben er een, zij het een kleine. Ze gebruiken die als snorkel als ze zich onder water begeven. Ik vind het een van de vreemdere dieren in de Zoo, de woudkoe. De jongen zijn bruin met witte streepjes, en worden allengs ook grijs met zwart. Het lijken me lieve beesten. Het meest verwonderlijke eraan vind ik het geluid: de tapir klinkt namelijk bijna als een vogel. De woudkoe zingt haar kalf nabij.
Abonneren op:
Posts (Atom)









