maandag 3 november 2008

Tram 5 in Maarschalk Gérardstraat
Iedere dag leert ons wel iets nieuws. Ook over je eigen buurtje. Kreeg van Danny Braem Honderd jaar tramexploitatie in Antwerpen en randgemeenten 1873-1973, een kloek boek boordevol oude zwart-wit foto’s. Als ervaren openbaar vervoerder ken ik de trajecten van de meeste tramlijnen, en nevensdien heb ik een meer dan gemiddelde kennis van de geschiedenis ervan. Zo wist ik toen een paar jaar geleden de tram terug onze straat in kwam dat die er vroeger ook al had gereden. Wat ik echter niet wist was dat er in voorbije jaren een tram, Lijn 5 (die is er nu weer, maar volgt een ander traject), in de Maarschalk Gérardstraat/Mechelseplein heeft gereden. Dat is de straat achter onze Sint-Joriskerk, met op de hoek de bruine kroeg De Boer van Tienen (links op beide foto’s). Er liggen nu geen sporen meer, maar op de zwart-wit opname is te zien dat die er eertijds wel waren. De foto dateert uit december 1956, van de laatste dagen dat de tram hier reed.

zondag 2 november 2008


Dubbele groet
In Nederland wordt de taal momenteel klaarblijkelijk verrijkt met een nieuwe groet. Heb daar hier in Vlaanderen nog niets van gemerkt, maar mijn vriend Ron Scherpenisse laat me weten dat Doei-doei of Dag-dag de nieuwste Nederlandse groet lijkt te worden: “Ik denk dat de herhaling 2 x doei en 2 x dag nodig is om de wens goed door te laten dringen tot de persoon van wie u afscheid gaat nemen. De eerste keer doei staat voor ‘Hallo, let op, ik ga straks iets zeggen!’ en de tweede keer doei voor ‘Nou dag, ik ben weer eens weg hier.’ Bij Dag-dag staat de eerste dag voor: ‘Mag ik even jullie aandacht, ik ben voornemens mij binnen enkele ogenblikken verbaal te gaan uiten.’ en de tweede dag voor: ‘Tot ziens, en u ook een prettige voortzetting gewenst met betrekking tot uw bezigheden.’” Benieuwd of, en zo ja wanneer, ik dat hier ga horen.

zaterdag 1 november 2008


(Lievelingspoezen, aflevering 3 en slot) Zoeteke en Stefke
Nadat Max als laatste van de vele poezen die we in de loop der jaren hadden, de laatste adem uit had geblazen vroegen we ons af hoe het zou zijn zónder poezen. Nou, dat was me binnen een week duidelijk. Al was hij oud, hij kwam toch af en toe eens knuffelen, je hoorde hem ritselen op de kattenbak en naar zijn eten tippelen (hij kon zijn nagels niet goed meer afbijten dus hij tikte op het parket). Er was gezélschap, en da’s tof als je alleen thuis werkt. Kortom: we konden niet zonder. En nu hebben we al weer sinds het eind van de vorige eeuw aangename huisgenootjes aan Zoeteke en Stefke. Ons Zoet kochten we in een dierenwinkel hier om de hoek op de Oude Vaartplaats. Ze was te vroeg geboren, en veel te klein. Geertje was zelfs bang dat ze het niet zou halen. Maar dat deed ze wel. In haar paspoortje staat dat ze geboren is in Boedapest, Hongarije en in haar oor is het nummer 4 getatoeëerd.

Stef is een jaar jonger. In de tijd dat ik het tijdschrift voor poëzie De Houten Gong verspreidde, staken we om portokosten te besparen en omdat het een leuke manier was de stad beter te leren kennen de nummers bij de Antwerpse lezers persoonlijk in de brievenbus. Zo ook bij Eddy van Vliet zaliger nagedachtenis. Toen we met De Houten Gong op weg naar hem waren stak er onder de vitrage van het pand op de hoek een kleine rosse kater de neus aan het raam. Tegen dat raam hing een plakkaat met de boodschap Gradies poezen! [sic]. Het koppel dat van een nest kittens af wilde was niet al te snugger maar zorgde goed voor de dieren. In twee kamers waar de verwarming op maximum stond en MTV de dieren doorlopend visueel vermaakte zagen we wel twintig poezen, een vosje (!) en een kleine alligator (!). Dat vosje had het puntje van de staart van onze kleine rosse al afgebeten. Zijn vader was een enorme zwarte kater, zijn moeder een echte Siamees. En dat horen we nog elke dag want Siamezen miauwen regelmatig ongelooflijk klaaglijk. Die ‘kwaliteit’ heeft hij geërfd. En hij heet Stef omdat we hem vonden in Eddy van Vliets straat, de Stefaniestraat. Het zijn schatten van beesten. Hopelijk worden ze net zo oud als Max….

vrijdag 31 oktober 2008



Van KLOW naar КЛОВ
Georges Remi (1907—1983) is een naam die niet bij iedereen onmiddellijk een belletje doet rinkelen, maar zijn pseudoniem doet zulks zeker: Hergé. De schepper van Kuifje ontwikkelde de zogenaamde klare lijn, waaraan talloze latere stripmakers schatplichtig zijn. Leuk om te zien hoe sommige van hen dat niet onder stoelen of banken steken. Neem Yves Sente en André Juillard, die de Edgar P. Jacobs-creaties Blake en Mortimer nieuw leven inbliezen. In hun album Het Voronov-complot laten ze een spionne een hapje gaan eten in restaurant КЛОВ, en dat is een mooie knipoog naar KLOW, het Syldavisch restaurant waar Kuifje gaat lunchen in De scepter van Ottokar. Sente en Juillard doen zelfs Hergé’s ober opnieuw opduiken!


donderdag 30 oktober 2008


Mijmeren bij het aquarium
Toen hij ouder werd is het op de een of andere manier geruisloos verdwenen, maar voorheen had mijn vader altijd een aquarium. Ik herinner me nog goed, het was lang voor wij televisie hadden, dat ik ’s avonds voor het naar bed gaan nog even frisgewassen voor die fascinerende bak ging zitten. Om te staren naar die gracieuze maanvissen, die lichtgevende neon tetra’s en die nerveuze zebravisjes. Nu heb ik zelf al jaren een aquarium. Zebravisjes en maanvissen houd ik daar niet in. Wel de neon tetra’s. Voorts bodembarbeeltjes, pristella’s en roodneuszalmpjes. Als ik sportuitzendingen even buiten beschouwing laat kijk ik vaker naar mijn aquarium dan naar de televisie. Ik moet dan ook dikwijls aan mijn vader denken.


woensdag 29 oktober 2008




Et voila
Voortaan is de Leopoldplaats weer voorzien van het standbeeld van de man aan wie zij haar naam te danken heeft: Leopold Joris Christiaan Frederik (1790-1865), prins van Saksen-Coburg-Saalfeld en hertog van Saksen, die van 1831 tot 1865 als Leopold I de eerste Koning der Belgen was.